Arbobalans 2018: Forse stijging burn-outklachten

Arbobalans 2018: Forse stijging burn-outklachten

Om de twee jaar geeft TNO een overzicht van de kwaliteit van arbeid en de tendensen in de werkgerelateerde gezondheid van Nederlandse werknemers. Een opvallende vaststelling die de onderzoeksorganisatie in haar Arbobalans 2018 maakt, is dat de psychosociale arbeidsbelasting en burn-outklachten duidelijk toenemen. Dit komt vooral omdat steeds meer werknemers met hogere taakeisen te maken krijgen en tegelijkertijd steeds minder inspraak hebben in hoe ze aan die eisen tegemoet moeten komen. In de horecabranche is het aandeel personeelsleden waarvoor deze ongunstige combinatie geldt, het grootst.

Psychosociale belasting en burn-outklachten nemen toe; ook in de horecasector

Uit het onderzoek van TNO blijkt dat de arbeidsomstandigheden van werknemers overwegend stabiel zijn. Werknemers melden zelf geen stijging in de fysieke belasting en omgevingsbelasting waarmee ze in de uitoefening van hun werk te maken hebben. Horecawerk is niet te onderschatten. Mensen die in de horeca werken, hebben bijvoorbeeld wel regelmatig met herhalende bewegingen (fysieke belasting) te maken. Ook komen ze relatief meer met besmettelijke personen in contact en werken ze in een relatief lawaaierige omgeving (omgevingsbelasting). In de horeca is de kans om in aanraking te komen met ongewenst gedrag door klanten en discriminatie ook hoger dan in andere sectoren; ook dat kan een extra belasting eigen aan het werk vormen.

Het grote verschil zit echter in de psychosociale belasting; die is de laatste jaren voor de meeste werknemers wel veel zwaarder geworden. Neem de stijging van de werkeisen en van de werkdruk. Werknemers moeten sneller werken en/of veel meer werk verrichten. Ze hebben ook steeds minder het idee dat ze zelf invloed kunnen uitoefenen op de manier waarop ze hun werk uitoefenen. De combinatie tussen hoge taakeisen en daling van de ervaren autonomie verhoogt het risico op werkstress en de bijbehorende klachten, zoals burn-out. Juist in de horecasector is het aandeel personeelsleden waarvoor deze ongunstige combinatie geldt, het grootst.
Het aantal werknemers met burn-outklachten is gestegen van 11 procent in 2007 naar 16 procent in 2017, zo blijkt uit de Arbobalans. Het aantal werkgerelateerde verzuimdagen is ook gestegen (van 42 procent in 2015 naar 46 procent in 2017). Niet minder dan een kwart van het totaal aantal verzuimdagen in Nederland (al dan niet werkgerelateerd) houdt verband met psychische klachten, overspannenheid of burn-out. Dit is hoger dan in de afgelopen tien jaar. Overspannenheid en burn-out zijn ook de beroepsziekten die door bedrijfsartsen het meest gemeld worden. Meestal spelen ontevredenheid met het werk, een conflict met een leidinggevende en een hoge emotionele belasting een grote rol in het ontstaan van psychische beroepsziekten.

Ook de kans op ongevallen met verzuim is groot in de sector horeca. Wanneer werknemers gevraagd worden naar de oorzaak van hun meest recente arbeidsongeval, worden psychische en fysieke overbelasting het meest genoemd. Daarna volgen nog uitglijden, struikelen of vallen.

Flexibele werknemers minder vaak ziek

Nog een opvallende vaststelling is dat het ziekteverzuim van werknemers met een vast dienstverband bijna dubbel zo hoog is als dat van medewerkers met een tijdelijk contract. Ook uitzendkrachten en oproep-/invalkrachten hebben een relatief laag verzuim. Toch hebben ze relatief vaker met minder gunstige arbeidsomstandigheden te maken dan vaste arbeidskrachten. Dat ze zich toch gezonder voelen, heeft wellicht te maken met het feit dat flexwerkers relatief jong(er) zijn en minder chronische aandoeningen hebben. Ook werken ze doorgaans minder uren, waardoor ze ook minder blootgesteld worden aan de belastende arbeidsomstandigheden.

Dat in de horecabranche veel met tijdelijke contracten en oproep-/invalkrachten,… gewerkt wordt, is een verklaring voor het feit dat het ziekteverzuim in de sector niet al te hoog ligt. In 2017 becijferde het CBS nog dat het ziekteverzuim in de horeca met 2,2 procent het laagste was van alle sectoren. De relatief lage gemiddelde leeftijd van de werknemers, de veelal flexibele dienstcontracten en het feit dat horecapersoneel relatief meer inspraak heeft bij het regelen van het verlof / rooster, hebben een gunstig effect op het ziekteverzuim.

Financiële belasting

Werkgerelateerde verzuimgevallen en aandoeningen zijn een flinke kostenpost. TNO schat de kosten van loondoorbetaling bij werkgerelateerd verzuim op 5 miljard euro, de werkgerelateerde kosten van arbeidsongeschiktheidsuitkeringen op 2,1 miljard euro en de kosten van medische zorg voor personen met een arbeidsgerelateerde aandoening op 1,6 miljard euro. Dat brengt de teller al op 8,7 miljard euro. Maar daarmee is de kous nog niet af. Werkgevers krijgen ook nog te maken met kosten als gevolg van mensen die blijven doorwerken als ze ziek zijn (‘presentisme’) en kosten voor het vervangen van personeel en voor verzuimbegeleiding. Werknemers kunnen op hun beurt nog te maken krijgen met kosten van medische behandelingen die niet vergoed worden door de zorgverzekeraar. TNO merkt dan ook op dat de geschatte bedragen zeker een onderschatting zijn van de werkelijke kosten.

Arbobeleid en maatregelen

Heb je als horecaondernemer in je bedrijf zelf te maken met zieke personeelsleden, dan weet je zelf hoe snel de kosten zich kunnen opstapelen. En krijg je te maken met een overspannen medewerker met burn-outklachten, die door een arts zijn vastgesteld, dan kunnen de verzuimdagen flink oplopen. Een werknemer met een psychische beroepsziekte (overspannenheid, burn-outklachten, depressie) verzuimt gemiddeld 49 dagen meer dan een werknemer zonder beroepsziekte. En dat betekent voor jou dat je ook niet alleen voor vervanging moet zorgen, maar dat je het loon van je zieke werknemer moet doorbetalen (zonder dat daar extra omzet tegenover staat) én dat je veel tijd en energie aan papierwerk en geregel kwijt bent. Met een verzuimverzekeringkun je het financiële risico én alle administratieve rompslomp met betrekking tot een werknemer die langdurig ziek is, beperken.

Werkdruk wordt door bijna de helft van de werkgevers (48 procent) als belangrijkste arbeidsrisico aangeduid. Ook werknemers geven aan vooral steeds meer behoefte te hebben aan maatregelen tegen werkdruk en werkstress (57 procent). Toch wil dit nog niet zeggen dat het arbobeleid in bedrijven overal even goed is afgestemd om deze arbeidsrisico’s te verminderen. Heb jij bijvoorbeeld als eens een Risico-inventarisatie en –evaluatie (RI&E) opgesteld / laten opstellen? Heb je al maatregelen genomen om de arbeidsrisico’s eigen aan het werken in jouw zaak te verminderen? Hoe zit het met jouw personeelsbeleiden de arbeidsvoorwaarden? Met een efficiënt ziekteverzuimbeleid en goede arbeidsomstandigheden kun je de uitval door ziekte én daarmee ook de kosten gerelateerd aan ziekteverzuim beperken. Bij PersonPlus kunnen we je daarmee helpen!

Carel Schrier
No Comments

Post a Comment

Comment
Name
Email
Website